Regelgeving en beleid
actueel
Onlangs aangepaste dossiers:
Rookverbod
De VVC is zorgvuldig als het gaat om het geven van betrouwbare en actuele informatie en antwoorden die het zelf geeft of die het krijgt van expert-partners op wie het een beroep doet. De VVC kan echter niet garanderen dat de informatie en antwoorden altijd foutloos, volledig en actueel zijn. Daarom kunnen aan de informatie op de website en aan eventueel advies - per e-mail - geen rechten worden ontleend.
De VVC aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade als gevolg van onjuistheden of onvolledigheden in de aangeboden informatie en antwoorden, noch voor schade die het gevolg is van problemen veroorzaakt door, of inherent aan het verspreiden van informatie via het internet, zoals storingen of onderbrekingen van of fouten of vertraging in het verstrekken van informatie of diensten door de VVC of door u aan de VVC via de website of elektronische weg.
In 2009 maakten de federale overheid werk van de Wet van 22 december 2009 betreffende een algemene regeling voor rookvrije gesloten plaatsen toegankelijk voor het publiek en ter bescherming van werknemers tegen tabaksrook (gepubliceerd in Belgisch Staatsblad op 29/12/2009). Een kleine wetswijziging (gepubliceerd in B.S. op 29/12/2009) zet de puntjes op de i.
Deze nieuwe wet vervangt bijgevolg de vorige KB’s (KB van 13 december 2005 - roken op openbare plaatsen en KB van 19 januari2005 - roken op de werkplaats.) Via deze KB’s is er reeds sprake sinds 2006 van een gefaseerde invoer van een algemeen rookverbod. Vanaf 1 januari 2010 komt er met dit nieuwe wetsontwerp een wijziging voor de horeca.
Wat betekent de toepassing van deze KB's voor cultuur- en gemeenschapscentra?
- Openbare gebouwen
- Horeca
- Rookkamer
- Polyvalente zalen
- Podium
- Artiestenloges, burelen, vergaderlokalen
- Controle rookverbod
_______________________________________________________________________________________________
Het is verboden te roken in gesloten plaatsen die voor het publiek toegankelijk zijn. Deze plaatsen dienen rookvrij te zien. (Art. 3 van de Wet)
‘gesloten plaats’: plaats door wanden afgesloten van de omgeving en voorzien van een plafond of zoldering.
‘toegankelijk voor het publiek’:
- Plaats waarvan de toegang niet beperkt is tot de gezinssfeer
- Onder meer inrichtingen of gebouw van volgende aard:
- overheidsplaatsen, stations, luchthavens, handelszaken,
- plaatsen waar al dan niet tegen betaling aan het publiek diensten worden verstrekt (met inbegrip van plaatsen waar voedingsmiddelen en/of dranken ter consumptie worden aangeboden),
- plaatsen waar vertoningen plaatsvinden, plaatsen waar tentoonstellingen worden georganiseerd, plaatsen waar sport wordt beoefend,
- plaatsen waar onderwijs wordt verstrekt, waar zieken en bejaarden worden opgevangen of verzorgd, waar kinderen en jongeren op schoolgaande leeftijd worden opgevangen, gehuisvest of verzorgd.
Aan de ingang van en binnen elke plaats worden rookverbodstekens geplaatst, zoals bepaald in de wet (zwarte sigaret, rode rand en rode streep erdoor)
In heel wat cultuur- en gemeenschapscentra bevindt er zich een cafetaria en/of eetgelegenheid. Wat is in deze ruimten van toepassing?
Drankgelegenheid
Vanaf 1 januari 2010 is de definitie van een drankgelegenheid vereenvoudigd en duidelijk:
“een inrichting waar de belangrijkste en permanente activiteit er enkel uit bestaat dranken, waaronder dranken met ethylalcohol, aan te bieden voor consumptie ter plaatse en waar geen andere levensmiddelen worden aangeboden voor consumptie ter plaatse dan voorverpakte levensmiddelen die zonder enige bijkomende maatregel gedurende minstens drie maanden houdbaar blijven.”
Indien de cafetaria in het CC voldoet aan de definitie van een drankgelegenheid, maken we een onderscheid:
1. de drankgelegenheid bevindt zich in het CC of GC en is niet afgesloten door wanden of een plafond: volledig rookverbod, omwille van art. 3 van de wet.
“De uitbater van een drankgelegenheid in een gesloten openbare plaats kan in geen geval een aanvraag tot afwijking indienen,” zo meldt de minister van Volksgezondheid “We denken hierbij aan cafés en bars in ziekenhuizen, culturele centra, sportzalen, expositieruimtes, enz. die niet afgesloten zijn van de hoofdruimte door wanden, noch voorzien zijn van een plafond. In deze instellingen geldt dus een totaal rookverbod.
2. de drankgelegenheid bevindt zich in het CC of GC en is volledig afgesloten van het CC door wanden en een plafond: mogelijkheid voor rookzone (art. 4 van de wet).
- de zone moet duidelijk afgebakend zijn
- de ongemakken van de rook t.o.v niet-rokers moet maximaal verminderd worden
- de oppervlakte van de zone moet minder zijn dan de helft van de totale oppervlakte van de plaats waar dranken ter consumptie worden opgediend, behalve indien de totale oppervlakte minder dan 50 m² bedraagt.
- de plaatsen voor niet-rokers dienen voorzien te zijn van rookverbodstekens
- asbakken verwijderen uit de zone van de niet-rokers
Deze uitzondering is beperkt geldig tot 1 juli 2014. Na overleg in de ministerraad en na overleg met de sector kan deze uitzondering echter vervroegd eindigen vanaf 1 januari 2012 via een KB.
Eetgelegenheid
De cafetaria is meer dan een drankgelegenheid: er worden snacks aangeboden met een houdbaarheidsdatum minder dan 3 maanden en/of maaltijden, …. Sinds 1 januari 2007 geldt er reeds een rookverbod, hoewel er nog een onderscheid werd gemaakt met lichte maaltijden en de verhouding van de omzet tot de drankconsumptie.
Vanaf 1 januari 2010 is er geen uitzondering meer voor eetgelegenheden: het rookverbod geldt algemeen. De uitbater kan echter wel nog voorzien in een rookkamer. (zie verder)
Voor alle informatie over roken in de horeca: http://www.roken-horeca.be/
De uitbater van een gesloten plaats, die toegankelijk is voor het publiek kan een rookkamer installeren. (art. 6 van de wet):
- de rookkamer is geen doorgangszone en is zodanig geconstrueerd en ingericht dat de ongemakken van de rook t.o.v. de niet-rokers maximaal verminderd worden.
- in de rookkamer mogen enkel dranken geserveerd worden
- in de rookkamer is voorzien van een rookafzuigsysteem of een verluchtingssysteem
- de oppervlakte mag niet meer bedragen dan ¼ van de totale oppervlakte.
In polyvalente zalen geldt een algemeen rookverbod, welke functie de zaal ook vervult. Ook in de volgende situaties mag er niet gerookt worden.
Wat als de polyvalente zaal tijdelijk een horeca-functie heeft?
Voorbeeld:
- Het cultuurcentrum organiseert een receptie in de polyvalente zaal ter gelegenheid van de opening van het nieuwe seizoen.
- een communiefeest vindt plaats de polyvalente zaal van het CC
- de plaatselijke vereniging organiseert een spaghetti-avond
Het rookverbod blijft gelden. De uitzonderingsregel van drankgelegenheden is niet geldig – dit is enkel van toepassing voor ruimtes die een permanente drankgelegenheidsfunctie hebben. Voor eetfestijnen geldt sowieso het algemeen rookverbod.
Wat als er een fuif georganiseerd wordt in de polyvalente zaal?
Voorbeeld
- een privé-fuif voor de muzikanten en vrijwilligers, ter gelegenheid de 25ste verjaardag van de Harmonie Sint-Cecilia, die plaatsvindt in de polyvalente zaal van het CC.
- de jeugdbeweging huurt de polyvalente zaal van het CC voor het organiseren van een fuif. Dit is toegankelijk voor het publiek, want de jeugdbeweging wil geld inzamelen voor het zomerkamp.
Het rookverbod blijft gelden. De uitzondering van een rookzone voor drankgelegenheden is niet geldig. Dit is enkel van toepassing voor ruimtes die een permanente drankgelegenheidsfunctie of fuiffunctie hebben. In een zaal die permanent dienst doet als fuifzaal mag dus wel nog gerookt worden.
In de wetgeving zijn er geen uitzonderingen voorzien, ook niet voor roken op de scène of roken omwille van artistieke redenen. Toch is er vanuit de artistieke wereld vraag om het rookverbod niet toe te passen voor die podiumvoorstellingen waarbij roken in het scenario staat geschreven.
Het podium is zowel een werkvloer (voor de acteur) als een openbare plaats (voor het publiek). De VDP (Vlaamse Directies Podiumkunsten) schreef een brief aan de ministers van werk en van sociale zaken met de vraag naar een uitzondering voor 'artistiek roken'. Beide ministers dienden van antwoord.
Minister van werk Vanvelthoven, bevoegd voor het rookverbod op de werkvloer, laat weten dat het 'opvoeren van een rookscène' door een acteur-werknemer moet beschouwd worden als deeluitmakend van diens arbeidsprestaties. In dat geval is het roken onlosmakelijk verbonden met het werk zelf en kan men minstens stellen dat het KB van 19/01/05 niet geschreven is voor dergelijke situaties. De werkgever van de acteur in kwestie heeft geen impact op de inhoud van een scène in een auteursrechtelijk beschermd artistiek product en kan deze scène niet uit eigen initiatief schrappen of wijzigen. De minister stelt verder dat wanneer het roken op scène deel uitmaakt van het stuk zoals geconcipieerd door de auteur, dit valt onder de bescherming van het auteursrecht en het grondwettelijk gewaarborgd recht op vrije meningsuiting.
Brief van minister van werk, Vanvelthoven
De minister van sociale zaken Demotte, bevoegd voor het rookverbod in openbare plaatsen, verklaarde in zijn brief dat het rookverbod in openbare ruimten (KB van 13 december 2005) ondergeschikt is aan de artistieke vrijheid of de vrijheid van meningsuiting. Indien het roken integraal deel uitmaakt van het scenario of van de voorstelling op het podium is het roken toegelaten. De minister rekent er evenwel op dat de organisatoren in hun zaal een signalisatie aanbrengen om het publiek te waarschuwen dat er in de voorstelling gerookt zal worden.
Brief van minister van sociale zaken, Demotte
Uiteraard zijn dit interpretaties van ministers. Dit wordt niet wettelijk verankerd. Bij betwisting, beslissen de rechtbanken.
Let wel: het gaat hier om duidelijk om roken op het podium bij voorstellingen waarbij het roken behoort tot het scenario. Muzikanten die roken tijdens concerten op het podium worden hier niet mee beoogd.
Hoofdstuk 4 van de Wet voorziet in de bepalingen voor een rookvrije werkplaats.
CONTROLE
In de ruimtes waar een rookverbod geldt, moet duidelijk zichtbaar aangegeven worden dat er niet mag gerookt worden en moeten alle asbakken verwijderd worden.
Wat betreft de controle op het naleven van dit verbod zijn het de inspecteurs van de controledienst TABAK van de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu die bevoegd zijn voor de controle op publieke plaatsen met uitzondering van de werkplaatsen.
Voor de controle op de werkplaatsen wordt de controle verzekerd door de FOD Arbeid en Werkgelegenheid.
Er zijn boetes voorzien voor de personen die weigeren om het rookverbod na te leven (niet enkel voor de gebruikers zelf, maar ook voor de uitbaters van de publieke plaats) die variëren van 150 tot 1.650 euro.
Niettemin, zullen de inspecteurs zich tijdens de eerste maanden (begin 2006) vooral toeleggen op de preventie en het sensibiliseren.
Lees meer op de website van de FOD Volksgezondheid:
https://portal.health.fgov.be/portal/page?_pageid=56,805626&_dad=portal&_schema=PORTAL
ARTIESTENLOGES, BURELEN, VERGADERLOKALEN
Het principe luidt: Elke werknemer heeft het recht te beschikken over werkruimte en sociale voorzieningen, vrij van tabaksrook. De werkgever verbiedt het roken in de werkruimten en sociale voorzieningen, evenals in het vervoermiddel dat voor gemeenschappelijk vervoer van en naar het werk door hem ter beschikking wordt gesteld van het personeel.
Dit betekent bijgevolg ook rookverbod in kleedkamers, artiestenloges, burelen, vergaderlokalen, …
Mag er een rookkamer voor het personeel worden voorzien?
In afwijking van het verbod bestaat de mogelijkheid te voorzien in een rookkamer binnen de onderneming, in overleg met het personeel. (via het Comité voor preventie en bescherming op het werk of bij afwezigheid hiervan de syndicale afvaardiging of bij afwezigheid hiervan, de werknemers zelf.)
Let wel: de mogelijkheid van een rookkamer betekent niet de men recht heeft op een rookkamer. De werknemer kan dit dus niet eisen, het kan enkel in overleg.
De rookkamer dient afdoende verlucht te worden of wordt voorzien van een rookafzuigsysteem.
Zoek via het alfabetisch register of gebruik de zoekfunctie.