Regelgeving en beleid
actueel
Onlangs aangepaste dossiers:
Reizen in de socio-culturele sector
De VVC is zorgvuldig als het gaat om het geven van betrouwbare en actuele informatie en antwoorden die het zelf geeft of die het krijgt van expert-partners op wie het een beroep doet. De VVC kan echter niet garanderen dat de informatie en antwoorden altijd foutloos, volledig en actueel zijn. Daarom kunnen aan de informatie op de website en aan eventueel advies - per e-mail - geen rechten worden ontleend.
De VVC aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade als gevolg van onjuistheden of onvolledigheden in de aangeboden informatie en antwoorden, noch voor schade die het gevolg is van problemen veroorzaakt door, of inherent aan het verspreiden van informatie via het internet, zoals storingen of onderbrekingen van of fouten of vertraging in het verstrekken van informatie of diensten door de VVC of door u aan de VVC via de website of elektronische weg.
Het wettelijk kader van de reisbureausector dateert van 1965. Helaas werden ook reisinitiatieven en uitstappen van verenigingen en culturele organisaties door deze federale wetgeving gevat. In 2004 zorgde een omzendbrief van toenmalig Vlaams toerismeminister Landuyt voor een uitzonderingsregel voor de socio-culturele sector.
In 2007 zette de Vlaams minister van toerisme Geert Bourgeois een en ander op punt in een nieuw decreet houdende het statuut van reisbureaus. Deze tekst definieert duidelijker de reisbureauactiviteiten, maakt een krachtdadige aanpak van misbruiken mogelijk, stelt hogere kwaliteitseisen en expliciteert wie niet onder de vergunningsplicht als reisbureau valt.
Met een ‘reisbureau-activiteit’ wordt bedoeld: “een activiteit die bestaat uit het bemiddelen of sluiten van een overeenkomst tot het verstrekken van hetzij een combinatie van een reis en logies, hetzij het verstrekken door een derde van een reis of logies.”
Voor Vlaanderen geldt bijgevolg het Decreet 7 maart 2007 houdende het statuut voor reisbureaus. Hierdoor vervalt de federale wet van 1965 voor wat Vlaanderen betreft. In het decreet is in artikel 3 §2 een uitzondering voorzien voor:
3° degenen die de reisbureau-activiteit uitsluitend uitoefenen met niet-commerciële doeleinden en binnen het kader van hun onderwijzende taak of van hun jeugd-, cultuur-, welzijns-, gezondheids- of volwassenenwerk; …”
Bovendien zijn uitstappen die geen logies omvatten, niet langer duren dan 24u en geen vliegvervoer inhouden ook vrijgesteld van de vergunningsplicht.
Voor Brussel geldt nog de federale wet van 21 april 1965 houdende het statuut voor de reisbureaus, die wel werd aangepast via ordonnantie (12 januari 2006). Hierin is een expliciete uitzondering voor jeugdverenigingen opgenomen. Impliciet zijn ook andere sociaal-culturele en sportverenigingen vrijgesteld voor zover zij geen winstgevende activiteiten beogen.
Zoek via het alfabetisch register of gebruik de zoekfunctie.